INTERVIEW MET KLASKE VETH


De verbinding tussen mens en werk

Klaske Veth is Lector Duurzaam HRM & Leiderschap aan de Hanzehogeschool Groningen. Ze is gepromoveerd op het onderwerp Healthy Ageing@Work en is nu bezig met de ontwikkeling van een onderzoeksprogramma Wellbeing@Work. Klaske kan ons daarom veel vertellen over thema’s als inzetbaarheid en vitaliteit.

HOOGLERAAR KLASKE VETH


"Ontwikkeling heeft een hele positieve uitwerking op de vitaliteit."

Wat moeten bedrijven volgens jou doen aan inzetbaarheid en vitaliteit?

Bij een groot percentage van de bevolking neemt werk een groot deel van hun leven in beslag. Daarin investeren kan veel opleveren voor zowel het individu als de organisatie. Iemand voelt zich beter, kan productiever worden en bereikt een betere kwaliteit in het werk. Die win-win situatie bereik je door een goede balans tussen inspanning en productie enerzijds en ontspanning en well-being anderzijds. Zaken als autonomie en een fijne relatie met collega’s of met de leidinggevende helpen daarbij. Maar wees wel zorgvuldig. Denk bijvoorbeeld aan de veelgebruikte kantoortuin. Die wordt ingezet om de informatie-uitwisseling te bevorderen, maar voor velen gaat het ook ten koste van hun concentratie en dus de kwaliteit van het werk. Zo bleek onder andere uit onderzoek van ons lectoraat Duurzaam HRM met het lectoraat Built Environment.

Jullie onderzoeksprogramma gaat over

Wellbeing@Work. Wat is dat precies?

Tot 20 jaar geleden was sociaal-psychologisch en HR-onderzoek vooral gericht op het reduceren van stress en verzuim. Dat is ook belangrijk en moeten we zeker blijven doen, maar stress zal nooit geheel worden uitgebannen. Dat hoeft ook niet. Stress zorgt immers ook voor energie en de spanning om te presteren en in actie te komen. Well-being@Work houdt in dat als mensen zowel fysiek als mentaal goed in hun vel zitten, dat ook een positief effect heeft op hun prestaties op het werk. Je kunt hierbij de positieve kant meer benadrukken en de context van een organisatie erbij betrekken. Dat laatste gebeurt nog weinig en is uniek aan ons onderzoek. Klassiek onderzoek is vaak nog gericht op het individu. Maar niemand leeft in een vacuüm.

Hoe kunnen organisaties de positieve kant meer benadrukken?

Door je te richten op het versterken van het positieve. Je kan bijvoorbeeld functiegerichte time-managementcursussen aanbieden om iemand te leren de juiste balans te zoeken, als die daar problemen mee heeft. Dat is prima. Maar je kan ook een positieve insteek kiezen. Daar kun je best ver in gaan. Bijvoorbeeld door iemand die in een dead-end job zit, en zich daarin niet meer echt verder kan ontwikkelen, te faciliteren met een cursus of hobby buiten het werk. Daar wordt diegene zelf vitaler van en dat is nog besmettelijk ook. Een dergelijke positieve boost werkt namelijk door op de werkvloer.

Heb je nog meer tips?

Ja zeker, investeer in oudere werknemers! Uit onderzoek blijkt dat het stomste wat je kunt doen, is niet investeren in deze groep. Mensen moeten tegenwoordig steeds langer door werken. Er zijn dus straks steeds meer 50- en 60-plussers aan het werk. Hoe ga je met deze mensen om? Stop je met investeren omdat ze ‘oud’ zijn? Ontwikkeling heeft niks met leeftijd te maken, je kan altijd blijven leren. En uit verschillende onderzoeken blijkt ook dat ontwikkeling een hele positieve uitwerking heeft op de vitaliteit van medewerkers. En dat is zeker relevant voor deze groep. Kijk daarom altijd naar de investeringsmogelijkheden, op verschillende werkniveaus en voor verschillende leeftijdsgroepen. Maar schiet er niet in door. Het aanbod moet wel passen bij de persoon en het bedrijf.

Welke ontwikkelingen rondom duurzame inzetbaarheid zie je en hoe verwacht je dat de toekomst eruit ziet?

De digitale wereld, de technologie, we kunnen (en ik wil) er niet omheen. We moeten zorgen dat we die integreren in bedrijven. Kunnen we met ICT niet betere kennis over onszelf krijgen? Dat zou enorm helpen. Ik verwacht ook ontwikkelingen rondom de sociale waarde, iedereen heeft immers behoefte aan menselijk contact en elkaar zien. Qua stressniveau geloof ik dat het alleen maar gekker gaat worden. Het telefoongebruik wordt niet minder in de toekomst. Het zal vooral belangrijk zijn om skills te ontwikkelen om daarmee om te gaan, ook al op jongere leeftijd. Hoe kun je zelf leren om het scherm opzij te zetten en het menselijk contact op te zoeken?

Hoe zorg je dat je zelf duurzaam inzetbaar blijft?

Ik probeer een juiste balans te houden door te werken in blokken van afspraken en tijden. Deze week heb ik bijvoorbeeld alleen maar gesprekken. Soms plan ik die blokken ook ‘s avonds of in het weekend. Dat vind ik prima. Maar versnipperd werken werkt voor mij niet. Ik ben echt een planner en probeer me dan ook te houden aan de planning. Dat geeft me rust. Een beetje relativeringsvermogen helpt trouwens ook. Vroeger had ik sterrenkunde als hobby. Als je veel naar de sterren kijkt, ga je jezelf wel relativeren. Ik ben immers maar zo’n klein korreltje in het geheel.